Een nieuw vrouwelijk kiwi ras met rode vruchten.
De vruchten zijn zoeter en smaakvoller dan gewone kiwi. De schil is zacht en eetbaar.
Het blad loopt rood uit in het voorjaar.
Minder hard groeiend dus hanteerbaar.
Voor bestuiving is een mannelijke of zelfbestuivende plant erbij vereist.
De vruchten rijpen vroeg, vanaf half september.
De smaak is rood.
De meeste kiwirassen kunnen zichzelf niet optimaal bestuiven. De mannelijke organen zijn vaak onderontwikkeld. Bij een aantal rassen zoals 'Jenny' valt dat mee. Die kunnen dus zichzelf en ook andere vrouwelijke planten bestuiven. Omdat stuifmeel en stampers ongelijk rijpen is vruchtzetting altijd beter als er meerdere rassen bij elkaar staan
Een ras als Atlas maakt geen kiwi maar wel veel stuifmeel over een langere periode.
De stuifmeel donor dus die zorgt voor veel meer kilo's kiwi.
'Hayward' heeft grote, goed smakende uniforme vruchten. Die je in je kelder nog maanden kunt bewaren
Het eigen stuifmeel is zwak en bestuift de plant onvoldoende. Dus je moet er wel een bestuiver zoals 'Atlas' of een andere kiwi bijzetten.
Dan mag je op een voortreffelijke opbrengst van goede grote vruchten rekenen.
Een ras voor profi's. Ze planten er een 'Atlas tussen.
De meeste kiwirassen zijn niet goed zelfbestuivend. Deze heeft geen bestuiver nodig.
Snoei Kiwi in de zomer als de vruchten al zijn gezet. Je remt dan de groei wat en snoeit takken met weinig vruchten weg.
'Jenny' is snel groeiend met grote vruchten. Van een volwassen struik kun je wel 30 kg oogsten.
Kiwi is een zeer gemakkelijke ziektevrije fruitsoort.
Deze nieuwe kiwi stamt af van de doorgewinterde en hoog productieve 'Hayward' met als verschil dat deze zelf bestuivend is. Er hoeft dus geen 'mannelijke plant bij. De vruchten zijn gemiddeld van grote, iets kleiner dan die van 'Hayward'.
Net als bij 'Hayward' zijn de vruchten goed bewaarbaar. Ze rijpen na de eerste vorst in november en kunnen tot april worden bewaard. De bloemen beginnen wit en verkleuren naar oranje.
Een dwergvorm met halfgevulde bloemen aan korte stelen.
Een van de allerlaagste Afrikaanse lelies die ik ken. In pot kan dat heel handig zijn hoewel ik die hoge toch het meest indrukwekkend vind.
Deze is bladverliezend wat de kans dat ze in de volle grond overleeft aanzienlijk maakt.
Wel een beetje bedekken deze juweeltjes.
Deze prijswinnende cultivar werd in 2010 door Quinton en Andy van De Wet geselecteerd. Ze bloeit tweekleurig met hangende bloemen in grote schermen.
Voor een bladhoudende Agapanthus is ze relatief winterhard. Ze zou tenminste tot - 10 verdragen. Afdekken mag je haar alleen tijdens strenge vorstperiodes. Als je haar in pot zet en binnen overwintert kan ze niet in het donker staan zoals de bladverliezende cultivars.
Een spectaculair potfeestje.
Zeer diep blauw met donkere stelen, ontstaan op de kwekerij van Bob Brown; 'Cotswolds Garden plants'. (Je hoort verderop nog vaak van hem.)
Blad verliezend, dus beter winterhard dan bladhoudende Agapanthus.
In de volle grond wel misschien wat afdekken met stro of dennentakken.
Natuurlijk ook zeer gemakkelijk in pot te houden. Dat staat zo klassiek.
'Starry Night' is een zeer donker blauwe selectie van onze vriendelijke Franse bondgenoot Antoine Breuvart.
Ze is bladverliezend en kan dus in de volle grond met tijdens strenge vorst een beschermlaagje. (De bladhoudende selectie houd je beter in pot zodat je ze bij strenge vorst binnen kunt halen.)
Out of Africa, Made in France.
Heerlijk tweekleurig is deze compacte nieuwe bladverliezende Agapanthus. Ze bestaan in allerlei maten van dwerg tot reusachtig. Deze is met 70 cm heel fijn als potplant.
Bladverliezende cultivars zoals deze maken aanzienlijk meer kans in de volle grond te overleven. 'Twister' verdraagt tot -15 en met wat winterdek zelfs nog meer.
Een frisse wind voor je tuin.